Aanmelden

Let op: aanmelden is in dit stadium van de pilot niet meer mogelijk. Hieronder zijn de toelatingscriteria terug te lezen.

Toelating tot het programma was mogelijk als ...

  • ... aan de kandidaat ten minste de graad WO-bachelor van een geesteswetenschappelijke of sociaalwetenschappelijke opleiding anders dan Duitse taal en cultuur/Duitse taal en letterkunde/Duitslandstudies in het wetenschappelijk onderwijs is verleend;
  • ... de kandidaat over voldoende kennis van de voertaal van de opleiding beschikte, d.w.z. als hij/zij de Duitse taal op minimaal het niveau B2 volgens het Europees Referentiekader (ERK) beheerste. Dit diende de kandidaat aan te tonen via een certificaat van bijv. een universiteit of het Goethe Instituut of een vergelijkbare instantie;
  • ... de kandidaat aantoonbaar ten minste 30 ECTS aan inhoudelijke bestudering van de Duitse taal en cultuur; d.w.z. op het gebied van de Duitse taalkunde, letterkunde, cultuurkunde of geschiedenis op WO-niveau had behaald.

Een toelatingscommissie met vertegenwoordigers van de iedere universiteit heeft de dossiers beoordeeld.

Voor aanmelding waren de  volgende 2 stappen belangrijk:

Stap 1:

De kandidaat stuurde  vóór een deadline gesteld in het voorjaar voorafgaand aan de start van de opleiding in september 2016, 2017 of 2018  een dossier met de volgende stukken op naar de universiteit waar hij/zij  wilde studeren:

  • CV
  • motivatiebrief, waarin twee vakken/studieonderdelen die je relevant acht voor deze opleiding uitgelicht worden – je schrijft één helft van de motivatiebrief in het Nederlands en één helft in het Duits
  • twee voor de master relevante aanbevelingsbrieven
    (indien mogelijk van een contactpersoon uit het wetenschappelijke veld en/of van een contactpersoon uit het voortgezet onderwijs)
  • bewijs van taalniveau Duits B2, Nederlands NT2 (indien van toepassing)
  • diploma's
  • cijferlijsten
  • kopie paspoort
  • kopie verblijfsvergunning (indien van toepassing)

Stap 2:

De kandidaat meldde zich aan bij de universiteit waar hij/zij wilde studeren.